
Over Aangeboren CMV
Door gesprekken met ouders en families van kinderen die geboren zijn met CMV, is duidelijk dat we kennis over dit virus moeten vergroten. Op deze pagina vindt u alle belangrijke informatie over aangeboren CMV. Klik op de tabbladen om meer te lezen.
-
Een aangeboren cytomegalovirus (CMV)-infectie is een aandoening waarbij een kind in de baarmoeder tijdens de zwangerschap (via de moederkoek) besmet raakt met CMV. CMV is een veelvoorkomend virus dat bij de meeste mensen geen merkbare symptomen veroorzaakt.
-
Tijdens de zwangerschap raakt ongeveer één op de 100 moeders zelf besmet met CMV. Wanneer de moeder besmet raakt, heeft het kind 30-50% kans om het over te dragen aan haar nog ongeboren kind. In Nederland wordt ongeveer één op de 200 tot 300 kinderen geboren met een aangeboren CMV-infectie en worden er dus elk jaar ongeveer 1000 kinderen daarmee geboren.
-
Een aangeboren CMV-infectie is al vanaf de geboorte aanwezig. Ongeveer 10% van de kinderen die besmet zijn, heeft vanaf de geboorte al klachten. Bij 2% tot 4% van de kinderen blijkt pas in de eerste zes levensjaren dat ze klachten hebben.
Zeven van de acht kinderen met een aangeboren CMV-infectie hebben geen of milde klachten. Eén op de acht kinderen krijgt echter wel symptomen, die onmiddellijk na de geboorte of later in het leven kunnen optreden. -
- Slechtziendheid
- Slechthorendheid
- Verstandelijke beperking
- Spasticiteit
- Gedragsproblemen
- Epilepsie -
Kinderen met een aangeboren CMV-infectie hebben een normale levensverwachting. Alleen bij kinderen met ernstige ontwikkelingsachterstand, terugkerende longontstekingen en moeilijk behandelbare epilepsie kan de levensverwachting verkort zijn.
-
De infectie ontstaat alleen als de moeder besmet is met CMV. De moeder kan het virus op verschillende manieren oplopen, bijvoorbeeld via contact met speeksel, slijm, urine (zoals het verschonen van een luier), en bloed.
In Nederland draagt ongeveer 40% van de mensen het virus bij zich. Vaak veroorzaakt het virus nauwelijks klachten, waardoor het moeilijk is om de infectie op te merken. Het kan echter leiden tot vermoeidheid, spierpijn, lichte verhoging en algemene malaise, symptomen die vaak ook tijdens de zwangerschap voorkomen zonder dat er sprake is van CMV.
-
Het virus kan via de navelstreng eenvoudig het lichaam van het ongeboren kind bereiken.
Wanneer de moeder in de eerste drie maanden van de zwangerschap besmet raakt, is de kans ongeveer 30% dat de baby besmet raakt.
Wanneer de besmetting in de laatste drie maanden van de zwangerschap optreedt, is de kans ongeveer 70%.
-
CMV veroorzaakt vaak een infectie van de hersenen bij het kind. De lever kan ook (tijdelijk) worden aangetast, wat kan leiden tot een opgezette buik. Wanneer de infectie vroeg in de zwangerschap plaatsvindt, is de kans groter dat het kind klachten krijgt na de geboorte.
In sommige gevallen komt CMV wel voor in de moederkoek, maar bereikt het virus het kind zelf niet. De infectie kan de moederkoek beschadigen, waardoor de bloedvoorziening naar het kind wordt verminderd. Dit kan leiden tot slechte groei en een laag geboortegewicht, ook als het kind zelf niet besmet raakt.